Gesprek met het Coronavirus

Cuong vraagt ons constant om te ontdekken wie we zijn. Hij heeft ons afgelopen weekend o.a. een samenvatting gegeven over het bewustzijn. De acht niveaus van bewustzijn.

Alaya Vijñana is dan het 8ste . Dat is het niveau van de zaden, van de ervaringen die opgeslagen worden. Ze rijpen en kunnen opnieuw manifesteren. Manas, het 7de niveau van bewustzijn maakt onderscheid in de zaden en bepaalt of een zaad positief of negatief is. We moeten begrijpen dat de zaden allemaal “ikjes” zijn. Ze vormen ons Ik-beeld. Daarom ervaren we eenzelfde situatie allemaal op een andere wijze. Omdat onze ervaringen in het verleden anders zijn geweest en anders opgeslagen zijn. Als je als kind een ijsje hebt gekregen en er hartstikke ziek van geworden bent, zal je anders kijken naar ijsjes dan iemand die juist een hele fijne ervaring hebt gehad tijdens het eten van zijn eerste ijsje. Misschien omdat het vakantie was en iedereen vrolijk en ontspannen was. De eerste associeert ijsje met ziek zijn dus een negatieve ervaring. De ander associeert een ijsje met vakantie en quality time en wordt het ijsje voor hem een positieve ervaring.

Wie we echt zijn is niet in de zaden te vinden. Cuong benadrukt dat het helemaal geen zin heeft om positieve zaden te versterken. Alles wat je dan bereikt is het versterken van je Ik-beeld. Bovendien ga je de negatieve zaden, de vervelende ervaringen, onderdrukken. Wat veel spanning en interne oorlog veroorzaakt dat een ontploffingsgevaar vormt. Zo krijg je dat ineens iemand gewelddadig wordt of heel boos zonder enige waarschuwing .

Cuong vraagt ons om ons te verbinden, om ons hart te openen, om te zien en te ervaren dat we veel groter zijn dan een ik-beeld. We zijn het leven. We zijn elkaar. We zijn de planten, de dieren, de bergen en de oceanen. We zijn alles. Maar we zijn geen Ik-beeld. Als we ons verbinden zijn we een druppel water die de oceaan bereikt. De druppel is verdwenen maar ook niet. In plaats van een kleine druppel is ze overal in het oceaan. Ze is één met het oceaan geworden. Ze is heel groot en heeft geen Ik meer.

Dus als we alles zijn, zijn we ook een Coronavirus. Als ik een Coronavirus ben, kan ik ook communiceren met het virus. En dat heb ik gedaan.

Ik heb gevraagd: “Coronavirus, waarom maak je mensen ziek? Waarom ben jij er? Wat wil je ons zeggen?”

En het Coronavirus heeft me gezegd: “Ik ben ontstaan. Ik weet niets van gezondheid of ziek zijn. Dat zijn concepten die ik niet ken. Het was niet mijn intentie om mensen kwaad te doen. Er is in mij een behoefte om te overleven, net als in de mens. Ik was verbaasd dat ik in een menselijke lichaam belandde. Mijn familie, de virusfamilie, is net zo oud als het leven zelf. Misschien zelf nog ouder. Ik ben heel simpel en heb een gastheer nodig om te kunnen overleven. Mijn missie is o.a. om te voorkomen dat een soort te dominant wordt. Sommige broers en zussen van mij zorgen dat schadelijke bacteriën in het menselijk lichaam gedood worden. Een mens doden is niet wat ik wil. Want ik heb de cellen nodig om te kunnen overleven. Maar soms gaat het mis. Niet alleen de mens of het dier of de plant gaan (wat mensen noemen) dood, ik ook. De mens denkt dat hij de belangrijkste is op de aarde maar zonder ons en zonder de bacteriën zou hij niet kunnen bestaan. Ik vind het jammer dat mensen zo bang zijn voor ons en ons haten. Het leven houdt nooit op. Ook als mensen of virussen doodgaan is het niet echt doodgaan. We gaan naar huis. We komen van dezelfde bron.”

“Dank je wel, Corona”, zei ik. “Nu begrijp ik je beter. Maar besef je wel dat je het ons heel moeilijk maakt? Om niet ziek te worden kunnen we niet gaan werken of mensen ontmoeten. Onze hele economie is ontwricht en veel mensen belanden in armoede en ellende.”

Dan zei Corona tegen mij: “Maar jullie mensen zijn heel intelligent! Kunnen jullie niet zien hoeveel schade jullie aan de aarde, aan dieren, aan planten, aan andere mensen doen? Het zijn elkaar broers en zusters en jullie exploiteren elkaar. Wat ik jullie wil laten zien is dat jullie elkaar en de hele planeet gaan vernietigen. Ik dwing jullie om even te stoppen. Het doet me pijn om zoveel schade bij mensen te veroorzaken. Maar jullie zijn vergeten dat jullie ook de natuur zijn, ook een bloem, ook een dier en een rivier. Jullie zijn alles aan het vergiftigen. Het moet stoppen voor het welzijn van iedereen en alles. Ik wil jullie wakker maken. Stop! Kijk wat jullie aan het doen zijn. Help en steun elkaar. Niet alleen de mensen maar ook de planten en de dieren en de natuur. Heb respect voor alles en zo ontdek je weer het respect voor jezelf. Bevrijd je van het idee van een IK en zie dat je ook mij bent en ook de mensen in India die hun baan kwijt zijn geraakt omdat de grote merken in rijke landen de kleding niet meer willen kopen. Kijk wat je aan je leven kan veranderen om het evenwicht te herstellen. Nu er minder verkeer is, is de lucht schoner. De natuur krijgt even adem. En er is minder criminaliteit en mensen helpen elkaar. Wie zegt dat ik zo slecht ben?”

“Ja, Corona, je hebt gelijk. Wat goed lijkt is niet perse goed en wat slecht lijkt is niet perse slecht.”

Hierbij de link naar het verhaal over virussen dat mij geïnspireerd heeft.